Gezondheid

Een derde van de Nederlanders vraagt AI om medisch advies

· 5 min leestijd

Je voelt je al twee weken moe, hebt af en toe hoofdpijn en googelt je klachten voor de zekerheid. Steeds vaker stopt die zoektocht niet bij Google, maar begint hij bij ChatGPT of Gemini. Uit fris onderzoek van Univé blijkt dat bijna een derde van de Nederlanders het afgelopen jaar een AI-chatbot raadpleegde over gezondheidsklachten. Vooral jongeren en ouders van jonge kinderen doen dit. De vraag is of dat verstandig is, en het antwoord is genuanceerder dan je zou denken.

De cijfers die het duidelijk maken

Het onderzoek van Univé, uitgevoerd onder ruim duizend Nederlanders, laat zien hoe snel AI een vaste plek heeft veroverd in ons gezondheidsgedrag. 48 procent van de gebruikers denkt dat een chatbot betrouwbaar advies geeft. Onder jongeren die AI daadwerkelijk gebruiken, ligt dat percentage nog hoger: bijna de helft, tegenover een op de vijf Nederlanders in het algemeen.

Interessant is het effect op zorggedrag. 72 procent zegt dat AI-advies hen eerder naar de huisarts stuurt. Tegelijkertijd heeft ruim één op de vijf Nederlanders een huisartsbezoek uitgesteld na een gesprek met een chatbot. Dat is precies het risico waar zorgverleners zich zorgen om maken: niet dat mensen AI gebruiken, maar dat ze erop vertrouwen als vervanging in plaats van als eerste oriëntatie.

Wat AI-chatbots wél goed doen

Een grootschalig onderzoek in BMJ Open, geleid door onderzoekers van UCLA, testte vijf populaire chatbots (ChatGPT, Gemini, Meta AI, Grok en DeepSeek) met vragen over kanker, vaccins, stamceltherapie, voeding en sportprestaties. Daaruit blijkt dat de bots relatief sterk presteren bij gesloten vragen met een duidelijk, feitelijk antwoord, en bij onderwerpen als vaccins en kanker waarover al veel medische consensus bestaat.

Vraag je bijvoorbeeld simpelweg of paracetamol veilig is tijdens de zwangerschap, dan krijg je meestal een correct en goed onderbouwd antwoord. Dat maakt AI bruikbaar als startpunt: je klachten in gewone taal beschrijven en een eerste richting krijgen, voordat je zelf gaat uitzoeken welke arts je nodig hebt.

Bij een enkelvoudige, feitelijke vraag doet AI het dus prima. Vraag je naar de dosering van een bekend medicijn of naar de betekenis van een medische term, dan krijg je meestal een helder antwoord waar weinig ruis in zit. Het wordt lastiger zodra je klacht uit meerdere signalen bestaat, en dat is precies waar de meeste echte gezondheidsvragen thuishoren.

Waar het misgaat

Bij open vragen ligt dat anders. Van alle 250 antwoorden in het BMJ Open-onderzoek werd bijna de helft als problematisch beoordeeld, waarvan twintig procent zelfs als sterk problematisch. Grok scoorde het slechtst met 58 procent problematische antwoorden, gevolgd door ChatGPT met 52 procent. Geen van de chatbots leverde consequent een kloppende bronvermelding, terwijl elk antwoord met evenveel zelfvertrouwen werd gebracht, of het nu klopte of niet.

Dat zelfvertrouwen is het grootste gevaar. Een chatbot twijfelt zelden hardop en verwijst je bijna nooit terug naar een arts, ook niet bij vage of samengestelde klachten. Terwijl juist bij symptomen als aanhoudende moeheid meerdere oorzaken tegelijk kunnen meespelen, van stress tot een tekort aan een bepaald mineraal. Dat soort combinaties doorgronden vraagt om iemand die je dossier kent, niet om een taalmodel dat op waarschijnlijkheden gokt.

Waarom peer-reviewed onderzoek nog altijd wint

Het verschil tussen een chatbot en goed onderbouwde zorg zit vooral in de toetsing. Een medisch tijdschrift laat een claim eerst door meerdere experts checken voordat die gepubliceerd wordt. Zo bevestigde een groot NIH-onderzoek pas na jaren zorgvuldig vergelijken dat acupunctuur effectief is tegen lage rugpijn, en ook het bewijs dat acupunctuur beter werkt dan een migrainepil komt uit gecontroleerde studies, niet uit een los antwoord dat binnen drie seconden verschijnt. Een AI-chatbot mist die laag van collegiale toetsing volledig. Hij herhaalt vooral wat het vaakst online staat, en dat is niet altijd hetzelfde als wat klopt.

Wanneer je toch echt naar de huisarts moet

Er zijn een paar signalen waarbij een chatbot nooit het laatste woord mag hebben. Aanhoudende pijn, koorts die langer dan een paar dagen duurt, onverklaarbaar gewichtsverlies of klachten die steeds terugkomen: dat zijn precies de situaties waarin het KPMG-vertrouwensonderzoek laat zien dat Nederlanders zelf ook terughoudend blijven. Slechts vier procent zou een beslissing over een grote ingreep, zoals een openhartoperatie, volledig aan AI overlaten. Dat instinct klopt. Hoe groter het risico, hoe kleiner de rol die een chatbot zou moeten spelen.

Ook je gegevens verdienen aandacht. Ruim zes op de tien gebruikers in het Univé-onderzoek maakt zich zorgen over wat er met hun medische informatie gebeurt zodra ze die met een chatbot delen. Terecht: de meeste gratis AI-tools zijn niet gebouwd volgens dezelfde privacyregels als je huisartsensysteem.

Zo gebruik je AI als slimme eerste stap

De verstandigste aanpak is AI behandelen als een goed geïnformeerde kennis, niet als een dokter. Beschrijf je klacht zo concreet mogelijk, vraag door met gesloten vervolgvragen in plaats van vage open vragen, en check elk antwoord dat met stellige zekerheid wordt gebracht extra kritisch. Blijft een klacht langer dan een week aanhouden, wordt hij erger, of voelt iets gewoon niet goed? Dan is het tijd om de telefoon te pakken en een afspraak te maken. Een chatbot geeft je woorden om je klacht te omschrijven, maar alleen een arts kan die klacht ook echt onderzoeken.

L
Geschreven door Lieke van Dijk Gezondheidsredacteur

Lieke begon zich voor alternatieve geneeskunde te interesseren nadat ze jarenlang met spanningshoofdpijn had geworsteld en de huisarts steeds paracetamol voorschreef. Na haar eerste acupunctuursessie was ze verkocht, niet alleen als patiënt maar ook als schrijver. Ze heeft zich verdiept in traditionele Chinese geneeskunde en interviewt regelmatig therapeuten en onderzoekers. Haar missie is om bewezen gezondheidsbenaderingen toegankelijk uit te leggen, zonder zweverig te worden.